Hokjesgeest

augustus 24, 2008 at 7:57 pm (Mijn Mening) (, , , , , , , , )

Ik ben een gymnasiast en daarmee een VWO’er. Dat betekent dat ik geen havist ben, maar wél een middelbare scholier; dat betekent bijna automatisch dat ik deel uitmaak van de achterbankgeneratie en dus níet van de patatgeneratie. Ik speel harp, wat betekent dat ik een harpiste ben; daarmee géén contrabassist, maar wél een musicus. Dat ik paardrij maakt mij een amazone, maar dus geen hockeyster. Wél een sporter, als je het op die manier bekijkt. Het hangt er ook nog vanaf aan wie je het vraagt; volgens Amsterdammers ben ik een Amstelveense, volgens mensen uit Limburg ben ik een Amsterdammer (anders wordt het te ingewikkeld). Daarnaast zit ik ongetwijfeld in het hokje ‘bèta-meisje’ of misschien zelfs ‘bèta-nerd’. Dat betekent automatisch dat ik dús geen alphameisje/nerd/persoon ben en dus hoor ik niet bij díe helft van de samenleving. Ik zit in het hokje Nederlandse, wat betekent dat ik geen Engelse ben maar wél Europese, althans dat vinden de voorstanders van de EU, tegenstanders denken daar ongetwijfeld anders over.

Iedereen hoort dus wel bij bepaalde ‘groepen’. Iedereen wil iedereen voortdurend in hokjes stoppen, als het beestje maar een naam heeft dan is het goed. Waarom doen we dat? Het is geruststellend. Geef toe, het is heerlijk om te weten waar je aan toe bent. Als je mensen eenmaal in een bepaald hokje hebt gezet kun je tenminste ervan uitgaan dat ze zich zo ook wel zullen gedragen en dat is lekker makkelijk, want dan weet je meteen waar je aan toe bent. Je kunt van tevoren alvast plannen hoe je zult reageren als hij/zij dat of dat gaat zeggen, want natuurlijk gaat hij/zij dat zeggen want hij/zij zit in dat hokje dus dat doet hij/zij dat nu eenmaal. De aard van het beestje. Heerlijk is dat, je kunt alles van tevoren al weten en bedenken en dat is nou juist zo fijn.

Terwijl Nederland volgens mijn geschiedenisboeken de ontzuiling achter de rug heeft zie ik om heel eerlijk te zijn alleen maar méér zuilen met subzuiltjes, mini-subzuiltjes en micro-subzuiltjes verschijnen. Bij elke nieuwe politieke discussie ontstaan er meer; mensen die trots op Nederland zijn of juist niet, mensen-die-geen-problemen-met-het-actieverleden-van-een-politici-hebben en mensen-die-daar-wel-degelijk-iets-tegen-hebben; rokers of juist niet-rokers, en dan heb je ook nog subzuilen, te weten de sociale rokers en de verslaafden. En het mooie is dat iedereen over iedereen een kant en klare mening klaar heeft liggen in koelkast, klaar om (na een paar minuten in de magnetron) in de discussie te gooien.

Maar wanneer beginnen we nu eens met elkaar als mensen te zien? Ik bedoel, dat zou een fantastisch hok zijn, gezellig met z’n allen. Je hebt een groot hok nodig, dat wel, want er zijn behoorlijk wat mensen die in aanmerking komen voor dit hok, maar toch. Het zou maar wát gezellig zijn. Het makkelijke is ook nog eens dat mensen over iedereen hetzelfde zouden denken, net zoals ze dat zouden doen met al die andere hokken – iedereen in een bepaald hok is hetzelfde, dus dat zou hier dan toch ook gelden?

Of ga ik hier te kort door de bocht? Ik vrees van wel, maar in theorie kan het kloppen. Het is natuurlijk allemaal lichtelijk overdreven, maar in essentie is het waar dat iedereen iedereen graag veroordeelt tot een bepaalde groep. Maxima stal (lang voordat deze blog überhaupt bestond) mijn hart met de woorden: ”De Nederlander bestaat niet. Maar om u te troosten kan ik zeggen dat de Argentijn ook niet bestaat.”
Scherp.

Plaats een reactie