Frustraties

januari 6, 2009 at 4:22 pm (Just a blog) (, , , , , , , , , )

Gosh, 2009 is nog geen 7 dagen oud of het dreigt alweer een rampjaar te worden – wat school betreft althans. Op de één of andere manier lijken leraren altijd wél uitgeslapen te zijn na een vakantie en leerlingen niet. Dat dat iets te maken zou kunnen hebben met het niet-huiswerkvrijzijn in de vakantie, maar het wél nakijkvrijzijn van leraren wordt door iedereen stellig ontkend. Persoonlijk zie ik een verband, maar dat kan ook aan mijn a-wiskundige brein liggen natuurlijk.

Om even mijn vakantie samen te vatten: ik heb voornamelijk in Nijverdal gezeten, in Bunnik gezeten (wereldoorden, spetterend als altijd), bij familie gezeten (gezéllig…!) of thuis gezeten, bij voorkeur huiswerk makend.
Of, en dan kom ik bij de clue van deze blog: een filmpje aan het maken voor Nederlands. En wát een kulopdracht. Een middeleeuws verhaal vertellen door middel van een leuk interactief gebeuren, een hoorspel of een filmpje ”ofzo”. Mocht er ooit een leraar zijn die dit leest: leuke, interactieve opdrachten zijn níet leuk. Alleen vermoeiend en erg irritant om in je kerstvakantie te moeten doen (overigens ook al je geen vakantie hebt).

En om mijn frustraties compleet te maken: mijn computer flipte iedere drie seconden, zodat ik drie f*cking dagen bezig ben geweest met het hele gebeuren monteren, en dat was nadat we eerst een dag moesten vinden waarop we überhaupt het filmmateriaal konden maken, wat vervolgens mislukte omdat filmen betekent dat je én de tekst en de juiste handelingen moet kennen. En dat lukte niet. Over naar plan B: een fotoverhaal.

Ik zal jullie niet verder vermoeien met de details van mijn drie dagen durende oorlog met de computer, Adobe Photoshop en Windows MovieMaker. Het komt erop neer dat er nog één strijd gestreden moet worden: het zetten van het filmpje op een passende USB-stick, die ook in de computer op school past en, nog veeleisender, daar dan ook zijn inhoud in de harde schijf van de computer kan spugen. Feest.

Daarnaast natuurlijk alvast de nodige ‘Nieuwjaarswoordenso’s” met alle Latijnse woorden van de afgelopen 4 jaar of alle Griekse verbuigingsvormen. Puur genieten…

Ik ga weer aan het werk.

Permalink Laat een reactie achter

Over alles

december 2, 2008 at 2:34 pm (Just a blog) (, , , , , , , , , , , , , , , )

Waar je al niet over nadenkt als je rustig in de filosofieles zit. Nu is het een inkoppertje om te zeggen: ‘Nou… Filosofische onderwerpen?’. Grappig. Héél grappig. En toevallig nog juist ook. Maar niet de onderwerpen waar de filosofieleraar het over had…

Een tijdje geleden filosofeerde ik over de theorie van Sartre – het terugkeren naar aarde als geest en vooral het feit dat alles een vooropgezet plan zou hebben. Ik introduceerde daar het idee van de ‘Planner’, die gast die dus alles verzint. De verhaallijnen aan elkaar knoopt als het ware. En tijdens filosofie dacht ik nog eens na. Laat ik voorop stellen: ik denk dat ik een agnost ben. Ik geloof niet in een bepaalde god, maar ik geloof eigenlijk ook niet dat er niets is – ik twijfel. Ik weet het niet. Terzake.

Als je kijkt naar de wereldgodsdiensten dan zie ik één groot gemeenschappelijk feit; ze geloven allemaal dat hún god degene is die alles heeft gemaakt. Of hun goden in meervoud, natuurlijk. Maar… Als één van die goden (laat ik hem maar weer Planner noemen – voor het gemak) alles heeft geschapen, waarom heeft hij (of zij!) dan ook mensen geschapen die níet in Planner geloven? Waarom bestaan er zoveel verschillende godsdiensten, als er één de ware zou zijn? Want Planner is almachtig – daar gaan we even vanuit – dus als hij het daar niet mee eens is dan kan hij dat zo oplossen. En toch doet ‘ie dat niet; de aanhangers van al die religies vliegen elkaar met zeer grote regelmaat in de haren, terwijl we er vanuit kunnen gaan dat Planner dat dus niet wil; anders zou hij of zij het zélf wel oplossen. Ik denk niet dat Planner voor de lol mensen die wél het ”juiste geloof” hebben wil verliezen, omdat hij zelf te beroerd is het even op te lossen?

Even daar van uitgaand, zou je dus twee dingen kunnen concluderen: 1) er is geen ‘juiste geloof’ en misschien dus ook wel helemaal geen Planner; of 2) Al die godsdiensten hebben het bij het rechte eind. Ze geloven allemaal in een Planner die alles heeft gemaakt alleen geven er allemaal een andere naam aan. Maar wat maakt die naam nou uit? Als ze in Planner geloven vind Planner het waarschijnlijk ook wel goed, of hij nou Planner wordt genoemd of niet.
Een derde mogelijkheid is dat Planner na het maken van de aarde weer verderging met iets anders (een handwerkje, of een parallel universum) en niet meer zo erg heeft gekeken naar wat er op de aarde gebeurde. In de zin van: zoek het zelf maar uit. Dat zou een hoop narigheid kunnen verklaren.

Maar dan is er nog iets: ik heb niet het idee dat de aarde Planners ‘meesterwerk’ was. Er zijn behoorlijk wat fouten in geslopen. De hele natuur is eigenlijk een rotzooi. Alles waar de natuur relatief weinig last van heeft maar wat niet netjes is afgewerkt, blijft dus ook zo; als Planner er écht werk van had gemaakt dan hadden de pinguïns heus niet elk jaar vier keer een wereldreis te maken van het eten naar de groep naar het eten naar de kinderen. Als hij er echt even voor was gaan zitten had hij er ook voor gezorgd dat broeikasgassen niet schadelijk waren, of dat de appendix niet slechts een ietwat lullig aanhangsel was waar de mens tot op heden geen duidelijke noodzaak van kan ontdekken. Te zien aan het aantal verschillende diersoorten zou het dan eerder een vingeroefening, een étude, zijn geweest voor het echte werk. En dan ben ik wel benieuwd naar het ”echte werk”, want ik ontken geenszins dat de aarde en de natuur voor de rest briljant in elkaar steekt; bijna alles heeft toch wel een functie, alles werkt.

En dan nog mijn laatste mogelijkheid, een combinatie van een aantal zaken: Planner heeft de aarde gemaakt met een ‘basis’ aan natuur, flora en fauna, en daarna heeft hij het de vrije loop gegeven en zo is dan langzamerhand de huidige wereld ontstaan. Misschien is dat nog wel de meest overtuigende verklaring. Maar ik blijf erbij: ik weet het niet, ik denk slechts na. Als iemand het antwoord heeft; ik hou me aanbevolen.

Permalink Laat een reactie achter

Over Nijverdal en een pinautomaat: een zoektocht.

november 24, 2008 at 7:36 pm (Just a blog) (, , , , , , , , , , , )

Laat ik voor de verandering beginnen met de conclusie: Nijverdal is een gát. Het einde van de wereld. De rand waar men vroeger dacht vanaf te vallen, voordat één of andere idioot de verkeerde afslag nam en per ongeluk Amerika ontdekte. Ongelofelijk.

Nu vraagt de trouwe lezer zich misschien af wat ik in hemelsnaam moest in Nijverdal, welnu, dat kan ik je vertellen, trouwe lezer: daar vond het repetitieweekend van het JON plaats. Dat is opzich dus ontzettend leuk en gezellig, ware het niet dat je als harpistes uiteindelijk weinig te doen hebt. En wat doe je als je een avond lang niet hoeft mee te repeteren? Juist ja, je gaat de omgeving verkennen.
Op je hakken. Zonder sjaal. In de sneeuw. In de kou. In Nijverdal. Niet slim.

Medeharpiste wilde op zoek naar een pinautomaat, wat in een normale omgeving echt niet moeilijk hoeft te zijn; geld uitgeven/van je rekening afhalen is altijd makkelijker dan het níet uitgeven of op je rekening zetten, immers xD. In Nijverdal keert men dat om, het is schier onmogelijk daar binnen afzienbare tijd geld te pinnen.
Na een kwartier lopen door dé dorpsstraat in Nijverdal (voor het gemak ‘Grote straat’ geheten) kom je namelijk een pinautomaat tegen waar de onsterfelijke woorden ‘Defect, tot maandag!’ op staan.

Daar komt nog bij dat heel Nijverdal uitgestorven is op zaterdagavond om acht uur, behalve de onmisbare kebabzaak waar vijf mensen kebab staan te maken maar waar geen gasten zitten. Uiteindelijk konden we de weg vragen in de enige kroeg waar nog mensen waren – schoonmakend, weliswaar, maar toch – en die wisten ons met veel moeite de Rabobank aan te wijzen; tegenover de kerk met het futuristische groen verlichte kruisje op de toren. Amerikanisering slaat toe in Nijverdal, ik zie het al voor me als krantenkop.

Ondertussen staat harplief te bevriezen in een gymzaal (want ja, een gymzaal is in zo’n bruisende omgeving als Nijverdal ook onmisbaar) en moest in een kist vervoerd worden voor het eerst van z’n – nog korte – leventje; ik heb doodsangsten uitgestaan. Iedereen die mij kent zal het wel weten; ik kan er niet zo goed tegen als mijn harp niet veilig thuis op zijn eigen plekje, centraal verwarmd, uit de zon staat. Zal er toch aan moeten wennen vrees ik, voer voor psychologen(A).

In ieder geval weet ík voortaan waar in Nijverdal je kunt pinnen.

Permalink Laat een reactie achter

Twijfelen.

november 9, 2008 at 4:11 pm (Just a blog) (, , , , , , , , , , , , , )

Heb ik al eens subtiel laten vallen dat ik een enorme twijfelaar ben?
Met alles eigenlijk. ”Wat wil je vanavond eten”? ”Pasta, nee, pizza, wacht even, nee doe maar andijvie, ho nee toch maar pasta. Hm. ”
”Zullen we dit of dat gaan doen”? ”Dit. Nee, dat. Ik bedoel, doe maar dit. Wacht, nee, toch maar dat.”

En nu doet de school mij als twijfelaar in hart en nieren iets vreselijks aan: ik moet kiezen. Of ik naar Griekenland of Italië wil op culturele reis. Het meest frustrerende is eigenlijk dat als ik eenmaal voor een land heb gekozen ik ook nog kan kiezen tussen twee reizen – een dubbele bodem dus, heel gemeen. En ik kom al niet door de eerste keuze heen. xD.

Ik dacht mezelf te slim af te zijn dus heb ik het anders gedaan: ik sloeg stap 1: land kiezen over en ging meteen door naar de reis zélf kiezen. Ze alle vier op een rijtje zetten en er dan net zo lang over nadenken tot ik er één kan wegstrepen. En dat lukte. Bijna.

Nu twijfel ik namelijk niet meer tussen vier reizen, maar twee – één naar Italië en één naar Griekenland. En dan kom ik toch nog bij stap 1: land kiezen uit. Lotsbestemming noem ik het maar.
In ieder geval schrijf ik de trektocht af, ik ben niet zo’n wandelaar en Pompeji heb ik al gezien, dus de Campaniëreis is ook geschrapt van het lijstje. Lang geleden ben ik wel in Toscane geweest en twee jaar geleden ook nog een dag in Rome, maar ik kom elk jaar in Griekenland – weliswaar niet precies waar we nu heengaan, maar toch.

Dus basically, ik kan niet kiezen. Rome/Toscane of toch Griekenland? Ik ben benieuwd wat het gaat worden, moet het voor vrijdag weten dus er zit ook nog een limiet aan mijn twijfeltijd wat het geheel nog lastiger maakt. Ik twijfel nog even door.

Permalink Laat een reactie achter

En toen won Obama de verkiezingen.

november 5, 2008 at 2:06 pm (Just a blog) (, , , , , , , , , , , , )

Een historisch moment, of althans zo voelt het. Ik moet eerlijk (en tot mijn grote schaamte) er meteen bij vermelden dat ik níet de hele nacht in spanning voor de televisie heb gezeten om te kijken hoe Philip Freriks en twee anderen een poging deden de nacht vol te praten. Ik had al wel het gevoel dat het zou gaan lukken gezien de peilingen van de dagen van tevoren. Daarnaast vroeg ik me al af of er in heel Amerika nog iemand te vinden was die zin had in nóg vier jaar een verlengde van Bush – en met zo’n vicepresident. Dit terzijde. Maar goed, alsnog is het natuurlijk erg fijn om te weten dat er dus alweer geen wonder gebeurd is. Uberhaupt gebeuren wonderen niet heel regelmatig, maar eens moet de eerste keer zijn en ik ging er vanuit dat het niet deze keer zou zijn. I was right.

In ieder geval kan ik wél meteen melden dat ik de Victory Speech van Obama wél heb gezien – historisch gezien leek me dat wel verantwoord. Iets om later aan je kleinkinderen te vertellen, dat soort dingen.
Ik moet toegeven dat die man écht een retorisch zeer sterke president gaat worden. Zelfs ik had kippevel van sommige passages, hoewel de hele toespraak droop van de sentimentaliteit en van die typisch Amerikaanse ‘God bless America’-achtige zinnetjes. Wel aardig om te weten dat de dochters van Barack Obama een puppy krijgen voor in het Witte Huis. Hopelijk plast ‘ie niet op het tweehonderd jaar oude parket.

In het kader van de verkiezingen keken we vandaag met Engels, hoewel wat aan de late kant, een vaag YouTube-animatiefilmpje waarin ons in drie minuten ”in plain English”, nou ja, Amerikaans zou ik ‘t willen noemen, het Amerikaanse kiesstelsel werd uitgelegd. Ik kan niet zeggen dat ik nu begrijp wat in ’s hemelsnaam de fun is van eerst kandidaten kiezen, vervolgens kiesmannen kiezen en díe dan vervolgens laten kiezen. Omslachtig lijkt me het juiste woord. Maar ze zullen het zelf wel het beste weten.

Permalink Laat een reactie achter

Filosofiefrustaties.

oktober 13, 2008 at 3:23 pm (Just a blog) (, , , , , , , , )

Gosh, ik dacht naast al mijn bèta-vakken ook een leuk alpha-vak te kiezen… Dat werden er uiteindelijk drie want ik kan niet kiezen, maar ik ging er vanuit dat het alleen maar leuk zou zijn. Ik in mijn jeugdige overmoed kies met m’n stomme kop filosofie.

De clue van filosofie lijkt het vermogen om 70 minuten naar iemand anders te luisteren te zijn. Soms mag je er tegenin gaan (of slap meelullen naatuurlijk) maar over het algemeen is het zitten en luisteren. Opzich leuk dat het over filosofie gaat… Behalve dan wanneer je zélf iets moet gaan doen zoals nu.

Want terwijl ik deze blog zit te schrijven had ik éigenlijk heel hard aan een essay voor filosofie moeten werken. Onderwerp? ”Wat is filosofie voor mij?”. En laat dat nou net het énige zijn waar ik onmogelijk 600 woorden over kan schrijven!
Alles wat ik heb geprobeerd is óf een soort tachtigjarigenverhaal wat zo in HP/De Tijd geplaatst zou kunnen worden, óf niets (als in letterlijk niet, lucht, geen woorden) óf iets al te persoonlijks over geluksgevoelens enzo. Opzich prachtig, maar niet iets wat je aan je 63-jarige filosofieleraar laat lezen.
En voor het eerst van mijn leven heb ik geen greintje inspiratie meer over om er een weetikveelwatvoorverhaal omheen te schrijven, wat het geheel wat zou kunnen inkleden zodat ik wél aan mijn 600 woorden kom. Minimáál 600 woorden trouwens, minimaal als in ‘minstens’ als in ‘liefst meer’. Ons werd nog verzekerd dat níet ”Hoe langer hoe beter” zou gelden. Eerlijk gezegd geloof ik dat niet.

Permalink Laat een reactie achter

Bijna-doodervaringen stapelen zich op.

september 28, 2008 at 7:56 am (Just a blog) (, , , , , , , , )

Misschien ligt het aan mij, omdat ik steeds vaker de krant lees of naar het nieuws kijk, maar van alle kanten komen ineens dreigende berichten over de naderende ondergang van de wereld. Waarom? Misschien omdat de economie in elkaar dreigt te lazeren, wat overigens ook wel weer schijnt mee te vallen volgens anti-doemdenkers (ook wel optimisten). Of misschien omdat we in West-Europa nu eenmaal al een geruimte tijd geen grootste rampen meer hebben ondervonden. Of misschien omdat nu blijkt dat patat een negatief effect heeft op het gedeelte in de hersenen dat voor positiviteit zorgt, waardoor de patatgeneratie een generatie vol ongelooflijke pessimisten blijkt te zijn. In ieder geval is het wel telkens weer iets om je gek te lachen. Tenminste, als je geen talent hebt voor doemdenken. Heb je dat wel, dan kun je je lol op.

De deeltjesversneller die ergens diep onder de grond bij Zwitserland ligt, zou volgens sommigen bijvoorbeeld gigantische zwarte gaten produceren. De hele wereld werd opgeslokt, de tegenstanders van de Large Hadron Collider wisten het zeker. Dat de wetenschappers die het ding ontworpen en gebouwd hadden en die op het punt stonden er jarenlang onderzoek mee te gaan doen zeiden dat het niet zo was lieten ze even buiten beschouwing, want weten die mensen er nou van. Natuurlijk is het de vraag of het ook maar énige relevantie heeft de oerknal proberen na te maken in een buis met een paar meter beton eromheen, maar ik sta wel zo positief in het leven dat ik denk ‘Als ze dat willen, doen ze dat dan maar fijn.’ Denken andere mensen anders over. Anyway, de wereld is niet vergaan toen de LHC werd aangezet. Schattig genoeg hadden de doemdenkers daar meteen een antwoord voor klaar: ja, ze zouden nog wel drie jaar dat ding aan laten staan dus dan kon het nog drie jaar elk moment gebeuren. Leuk dat ze dat niet meteen even vermelden, kennelijk moet je wel behoorlijk met de tijd meegaan als pessimist!

Dat is nog niet eens het leukste doemscenario. Naast het feit dat de economie in elkaar lazert, zodat iedereen over een jaar weer met een knuppel door de bossen moet gaan rennen, jagend op een tamme koe, en het feit dat Marco Borsato zijn nieuwe cd op de markt heeft gebracht, weten andere – of misschien wel dezelfde – doemdenkers het nu helemáál zeker: de aarde vergaat in 2012. Wanneer in 2012 is mij nog niet helemaal duidelijk, maar me dunkt dat 365 dagen (of zelfs 366 – is het niet een schrikkeljaar?) genoeg dagen zijn om er vanuit te kunnen gaan dat op minstens één van die dagen de aarde zal imploderen, of exploderen, of zal verdwijnen in een zwart gat (als die deeltjesversneller nog aanstaat). Aan het jaartal komen ze doordat de Maya-kalender dat jaar zal aflopen. En als je creatief telt ook de kalender van bepaalde indianenstammen, zo verzekerden enkele doemdenkende onderzoekers. Overigens schijnt dat je ook creatief moet omspringen met de Maya-kalender, want die schijnt van geen kant te kloppen, met als gevolg dat de aarde al lang vergaan had moeten zíjn. En dan hebben we het nog niet over het feit dat pessimisten en buitengewoon talent hebben om het slechtste te denken van álles – die Maya-kalender heeft het namelijk alleen over ‘een nieuwe tijdsperiode’ en dus helemaal niet over de ondergang van de aarde. Ik, met mijn positieve aard, denk dan persoonlijk dat dat weleens een heel mooi tijdsvak zou kunnen worden. Als je ziet wat voor ellende in het afgelopen tijdsvak allemaal is gebeurd, is het nu de beurt aan de mooie tijden, toch?

Ieder weldenkend mens zal zich nu afvragen waaróm in godsnaam de aarde zo nodig ten onder moet gaan. En eerlijk gezegd vraag ik me dat ook af.

Permalink Laat een reactie achter

Over biologie en multitasken

september 1, 2008 at 2:42 pm (Just a blog) (, , , , , , , , , , , )

Met zo’n twee weken les achter de rug kan ik inmiddels wel concluderen welke vakken ik wél en welke ik absoluut níet leuk vind. Ik had natuurlijk al wel enig idee met drie jaar achter de rug, maar in de vierde dacht (en hoopte) ik dat sommige vakken toch echt leuker zouden worden. Ik merk er niet veel van, om eerlijk te zijn. In ieder geval kan ik nu met zekerheid zeggen dat ik Biologie het leukste vak vind!

Waarom? Na grofweg drie lessen weet ik al dat het moeilijk is om in een spiegel kijkend een ster om te trekken met een viltstift; ik weet hoe je een reflex uitlegt in taal die begrijpelijk is voor een achtjarige én, misschien nog wel het leukste, ik heb vooruitzicht op een koeienhersenenpracticum!
Voorbereidend daarop moeten we echter wel eerst uit een boek leren hoe menselijke hersenen eruitzien, welke delen in het Engels én Nederlands heten en wat hun functies (in twee talen) zijn. Ook leuk, omdat ik nu tenminste weet dat je voorhersenen, middenhersenen en (hoe verzinnen ze het) achterhersenen hebt. Daarnaast weet ik dat je twee hersenhelften hebt. En ik weet óók nog dat die verbonden met elkaar zijn!

En weet je wat nou het leuke is? Dat Biologie zo heerlijk toepasbaar is op ‘de praktijk’. Want wat blijkt? De reden dat vrouwen beter kunnen multitasken dan mannen is dat hun corpus colossum beter ontwikkeld is. In Jip-en-Janneketaal houdt dat in dat de verbinding tussen de hersenhelften beter is waardoor die twee helften beter kunnen samenwerken – tegelijkertijd!
Eindelijk weet ik dus hoe het komt dat ik – en vele dames met mij – wél muziek kunnen luisteren tijdens wiskunde en óók met de buurvrouw (en de mensen voor en achter ons) kunnen converseren over wereldlijke onderwerpen en aan het eind van de les (bijna) het huiswerk afhebben. De heren bij mij in de klas hebben daarentegen aan het eind van de dag nog bakken wiskundehuiswerk.

Wat nou de clue is van deze blog? Weet ik zelf ook niet. In ieder geval moge het duidelijk zijn dat Biologie op het moment mijn lievelingsvak is. Maar goed, dat soort dingen zijn veranderlijk…
Ik ga biologiehuiswerk maken, tschüs!

Permalink Laat een reactie achter

Ergernissen

augustus 18, 2008 at 3:03 pm (Just a blog) (, , , , , , , , )

Morgen moet ik mijn rooster ophalen. Voor veel mensen klinkt die zin als ‘Morgen is het dag nul’ of ‘Morgen is de Dag des Oordeels’. Voor mij niet. Of eigenlijk, misschien toch wel. Dat hangt van het rooster af. Als het een rooster met veel dubbeluren en andere ingewikkeldheden is wordt het niet mijn beste dag, maar aan de andere kant hoef ik verder echt niets te doen die dag en bijkomstigheid is dat ik pas om twee uur ’s middags op school hoef te zijn… Wat inhoudt dat ik nog één dag kan uitslapen. Daarna begint school weer en dan is het ook meteen afgelopen met het uitslapen. En met het nietsdoen. En met het boekenlezen. En met het elke-dag-bloggen. Eigenlijk is dat ook wel weer leuk, het houdt je van de straat, zogezegd – ik bedoel, dat eindeloze nietsdoen, daar wordt je ook behoorlijk chagrijnig van als je talent hebt om ergens chagrijnig van te worden, wat de meeste mensen dus wel hebben, inclusief ikzelf. Het heeft ook z’n slechte kanten natuurlijk, ‘Elk voordeel heb z’n nadeel’, nietwaar?

Eén van de nadelen van het einde van de vakantie is dat je aan het einde ziet wat er terecht is gekomen van al je voornemens van het begin van de vakantie – doorgaans niets. Daarnaast zijn er dingen bijgekomen die je je tijdens de vakantie hebt voorgenomen en waar óók niks van terecht is gekomen. Het leven is soms gewoon niet eerlijk. Zo zou ik héél veel boeken gaan lezen deze vakantie: gelezen heb ik zeker maar lang niet alle boeken die ik nog op mijn lijstje had staan. Toegegeven, dat was ook redelijk onmogelijk geweest – het zijn er een krappe driehonderd. Maar toch. Daarnaast zou ik een briljante oplossing voor mijn permanente tekort aan tijd bedenken. Driemaal raden: niet uitgevoerd. Nou ja, half. Maar half is niet heel en dat betekent dat maar de helft van het tijdstekort is opgelost en dát betekent dat het dus nog niet is opgelost. Nog zo iets: het briljante idee dat ervoor zal zorgen dat ik voortaan niet drie keer per week drijfnat van de regen op school aankom is uitgebleven. M’n regenpak moet maar weer uit de kast gehaald.

En naast al die kleine schoolgerelateerde ergernissen heb ik er nog één: ik heb tijdens de vakantie een notitieboekje gekocht. Waarom? Don’t ask. Heb kwam gewoon zo even uit, laten we het daar op houden. Probeer is alleen dus dat ik niet weet wat ik ermee moet. Het lot van de meeste opschrijfboekjes is om uiteindelijk volgeklad te worden met boodschappenlijstjes en to do-lists, maar dat vind ik zo zonde en bovendien zou dat nog acht jaar flink kladden worden, het is een nogal dik opschrijfboekje. Daarnaast heb ik ook nog kladblokken en memopapiertjes die voor dat soort doeleinden eigenlijk veel handiger zijn. Probleem dus nog niet opgelost, wat ga ik nou met dat boekje doen? Het ligt op mijn bureau buitengewoon irritant te wezen. Alles is al de revue gepasseerd: gedichten erin schrijven? De frequentie waarmee ik gedichten schrijf is zó laag, dan is dat opschrijfboekje toereikend voor de rest van mijn leven en da’s ook weer zo wat. Verhalen schrijven? Dat schrijft niet zo lekker met de hand en bovendien moet ik dan weer inspiratie hebben, wat ik niet heb over het algemeen. De pagina’s laten zich ook niet fijn afscheuren, weer een argument om er geen boodschappenlijstjes in de kladden. Adressen is ook niet handig – er zitten geen tabblaadjes in dus dan blijf je bladeren. Iemand suggesties?

Kortom, ook al begint het schooljaar vol goede moed, ik heb nog genoeg zaken om me naast alle bakken huiswerk en andere bezigheden niet te vervelen. Jullie horen nog wel van me.

Permalink Laat een reactie achter

Over Sartre

augustus 16, 2008 at 5:34 pm (Just a blog) (, , )

Gisteren heb ik een dag ingelast voor mezelf waarbij ik hoofdzakelijk (lees: uitsluitend) op de bank heb gezeten met een boek. Of meerdere boeken, want ik lees op zo’n dag nogal snel, dus heb ik effectief 2,5 boek uitgelezen op één vrijdagmiddag.  Eén van de boeken die ik las – op aanraden van mijn ouders – was geschreven door Jean-Paul Sartre, een filosoof die kennelijk in zijn vrije tijd romans schreef. Of misschien filosofeerde hij in zijn vrije tijd en schreef hij boeken voor de kost, ik weet het niet – feit is dat het een erg mooi boek was. ”De teerling is geworpen” is de titel en het draait om twee mensen, die niets met elkaar te maken hebben totdat ze toevallig op hetzelfde moment doodgaan en elkaar dan tegenkomen.

Wat ik zo leuk vond was het idee van Sartre over de dood en wat daarop volgt. In het boek is het dus zo dat alle doden naar een bepaald steegje moeten en dan in een kamertje terechtkomen waar een secretaresse zit die noteert dat die-en-die om zo-en-zo laat dood is gegaan, eventueel door toedoen van wie en/of waarom. Vanaf dat moment zouden de doden dan dus terug naar aarde gaan en daar tussen de levenden rondlopen: onzichtbaar voor de levenden, maar de doden kunnen elkaar (én de levenden) wel zien. Wat mij nogal verbaasde: ze kunnen blijkbaar niet door muren of deuren heen. Jammer, dat zou nóg handiger zijn geweest.

Maar wat ik nou écht het interessante vind aan dit idee van Sartre, is dat alles – het hele leven – een vooropgezet plan zou zijn. Dat iemand, of iets, elk leven van tevoren heeft gepland. Dat betekent dat als er door een administratieve fout twee mensen die voor elkaar bestemd waren elkaar niet hebben gevonden tijdens het leven, zij een tweede kans krijgen om samen terug naar het leven te gaan om daar alsnog het leven te leven waar ze recht op hadden: samen. Ik heb er een tijdje over na zitten denken, dit idee…

Aan de ene kant is het misschien geruststellend. Ik bedoel: mocht je de liefde van je leven niet tegenkomen maar was dat wel de bedoeling, dan mag je het overdoen. Maar aan de andere kant: die ‘Planner’ (laat ik diegene zo maar even noemen) is niet per sé aardig. Want als elk leven van tevoren gepland is door iemand, dan hangt het hele leven dus af van de bui waarin Planner toevallig is op het moment dat hij dat bepaalde leven plant. Dat zou betekenen dat er mensen geboren worden om te lijden en anderen om gelukkig te zijn; dat betekent dat het leven van een dictator ook gepland was en het leven van een massamoordenaar óók. En daaruit leid ik af dat Planner een ongelooflijk náár creatuur is!

Want om welke reden wordt de één ziek en de ander niet? Om welke reden vermoord de één heel veel medemensen en probeert de ander dat juist te voorkomen? Kortom, ik vraag me af op welke grond Planner bepaalt wie welk leven krijgt. Dat zou ik nou graag eens aan Sartre willen vragen, wat zijn idee daarover is. Als ik zelf dit gedachtenpad probeer te volgen (want ik weet eerlijk gezegd absoluut niet zeker of ik me in deze filosofie ook maar enigszins kan vinden) kom ik al gauw uit bij het aloude principe van reïncarnatie. De enige ook maar op de één of andere manier een beetje geldige reden die ik zou kunnen bedenken om Planner het recht te geven dit soort zaken te besluiten is dat de één in een vorig wél een goed leven heeft geleid, en de ander misschien niet. Dan zou Planner dus degene zijn die straft of beloont. Dat legt een link naar karma en dat soort zaken, maar ik heb het idee dat de clue van reïncarnatie zoals ik dat ken niets te maken heeft met een persoon – eerder met een soort ‘dat gebeurt nu eenmaal zo’.

Doorgaand op dit idee van reïncarnatie in combinatie met Planner loop ik echter vast. Want: als we er even voor het gemak van uitgaan dan Planner niet op een bepaald moment is ontstaan, maar er altijd al is geweest (ik bedoel, hoe en waarom zou hij anders ontstaan zijn? Juist ja, dat wordt te ingewikkeld) dan was híj dus degene die het vorige leven van iedereen óók heeft bepaald. En ook het leven dáárvoor. En het leven dáár weer voor. En ooit heeft hij dus toch bedacht dat een bepaald persoon wreed zou zijn, en een ander juist vredelievend. In mijn ogen ontneemt dat feit hem dan het recht om mensen te straffen voor het feit dat ze wreed zijn geweest, want hij heeft dat zelf Gepland!

Dat reïncarnatie-idee verwerpend kom ik ook niet veel verder meer. Ik kom weer uit bij de vraag wat Planner het recht geeft mensen al dan niet te laten lijden. Het enige wat ik kan verzinnen is dat het dus daadwerkelijk gewoon afhankelijk is van of Planner het nou toevallig leuk vond om mensen te laten lijden of juist niet. Dat vind ik alleen helemaal geen sympathiek idee – een soort van toeval is het leven dan dus. Maar als het leven toeval is, had het niet Gepland hoeven worden. Dan hebben we die hele Planner dus ook niet nodig.

Hm.

Permalink 1 Reactie

Volgende pagina »